Vrijwilligersregeling; geen extra administratieve verplichtingen voor vrijwilligersorganisaties

ingevoerd op 4-5-2007

In het algemeen overleg van 26 oktober 2006 over het kabinetsplan aanpak administratieve lasten hebben de Tweede Kamerleden Aptroot en Koopmans aandacht gevraagd voor de vrijwilligersregeling. Daarbij bleek dat deze leden ervan uitgingen dat vrijwilligersorganisaties een urenadministratie zouden moeten bijhouden. In een brief aan de Tweede Kamer geeft staatssecretaris de Jager van Financiën aan dat de Belastingdienst het standpunt inneemt dat men voor alle vrijwilligers op voorhand ervan uitgaat dat bij een vergoeding van ten hoogste 4,50 euro per uur er geen sprake is van een marktconforme beloning (dit komt overeen met 80% van het wettelijk minimum uurloon).

Dit is volgens de Jager een voor iedereen duidelijke afbakening die vooral nuttig zal zijn voor vrijwilligersorganisaties die hun vrijwilligers per uur willen betalen. Het noemen van het uurbedrag van 4,50 euro door de Belastingdienst betekent niet dat vrijwilligersorganisaties daardoor een urenadministratie zouden moeten gaan bijhouden. De ervaring leert dat vrijwilligers in verreweg de meeste gevallen geen enkele vergoeding krijgen of dat zij slechts een vergoeding ontvangen voor gedeclareerde kosten. In die gevallen is er dus in ieder geval geen probleem.

En indien vrijwilligers wel een afzonderlijke vergoeding voor hun werkzaamheden krijgen, zal er in de meeste situaties vrij snel kunnen worden aangenomen dat sprake is van een niet-marktconforme vergoeding. De meeste vrijwilligers zijn immers zo veel uur met hun activiteiten bezig dat direct duidelijk zal zijn dat geen sprake is van een marktconforme vergoeding. In de situaties dat daaraan wel twijfel kan ontstaan omdat de organisatie een beloning per uur betaalt, zal de organisatie ook zelf willen vastleggen aan welke personen bepaalde vergoedingen zijn betaald. De vrijwilligersorganisatie heeft dus een eigen belang bij een vastlegging van bepaalde gegevens.

In de verhouding tot de Belastingdienst gaat het erom dat men desgevraagd aannemelijk kan maken dat de vergoeding niet hoger is dan 4,50 euro per uur. Daarbij geldt de zogeheten vrije bewijsleer, dat wil zeggen dat er geen beperkingen gelden met betrekking tot de aard van de bewijsmiddelen. Een urenadministratie is dus niet noodzakelijk. De vrijwilligersorganisatie heeft dan ook geen extra administratieve verplichtingen gekregen op grond van de urennorm, aldus de staatssecretaris.

Bron: Ministerie van Financiën, 27 april 2007, nr. DGB2007-02160